Lembeek (Halle), Vlaanderen, Vlaams-Brabant
- Naam
- Watermolen van Lembeek, Papeterie De Ruysscher
- Ligging
- Kazernestraat
1502 Lembeek (Halle)
Watermolenbrug
op de Zenne
299 m O v.h. centrum
kadasterpercelen C229 en C230
Vlaanderen - Vlaams-Brabant
- Gebouwd
- voor 1675
- Verdwenen
- 1891, stoompapierfabriek / na 1994, sloop
- Type
- Onderslag watermolen
- Functie
- Korenmolen
- Bescherming
- niet,
- Database nummer
- 4666
Karakteristiek
Beschrijving / geschiedenis
De Watermolen van Lembeek werd voor 1675 opgetrokken als een dubbelmolen, met een molengebouw aan weerszijden van de Zenne,
In 1751 wilde men de molen van Lembeek vernieuwen o.a. "des neuves ventailles entre le grand et le petit meulendam et cela plus hautes que n'etoient et ne sont les vielles". De heer Paridaens, rentmeester van de goederen van de hertog van Arenberg protesteerde bij de heer De Blende, baljuw en ontvanger van Lembeek, die te Edingen verbleef. Op 26 juli 1751 kwamen De Blende en Paridaeos samen bij de molen van Lembeek om de poorten na te gaan, vooraleer ze zouden worden geplaatst, want de nieuwe poorten zouden hoger komen dan de oude. Ter plaatse waren ook Francis Bulté, molenaar te Halle en Pierre Vijverman, molenaar te Lembeek evenals Adam Berckmans, meester-timmerman van Wisbecque, die als expert optrad, en de nieuwe met de oude vergeleek. "La première ventaille du cóté du grand meulendam contient la hauteur de six pieds moins un poulce de haynaut qui est Ie vuide a commencer de supérieur de laditte ecluse jusqu'au bord inférieur de la tellière ou du sommier de pierre que l'on appelle en thiose Seuninckbalck; la deuxieme qui est celle du millieu ayant été trouvée cincq poulses et deux tiers de poulce aussi mesure de haynaut plus haute que la premiere, et la troisieme qui est celle du coté du petit meulendam a la hauteur de cinq pieds et quatre poulces d'haynaut, le tout mesuré de la façon que devant".
Toen men de maten nam van de nieuwe, constateerde men dat de eerste in hoogte 7 Henegouwse duim hoger was dan de hoogte van de drie oude. Men besloot dat de nieuwe poorten even hoog zouden zijn als de oude. (17)
De korenmolen op het perceel C229 met in 1838 uitgebreid met een papiermolen en werd twee jaar later enkel een papiermolen, terwijl het gebouwop C230 een graanmolen bleef.
Eigenaars na 1830:
- voor 1834, eigenaar: d'Ursel-Reniesse Charles Joseph en kinderen
- 15.02.1853, verkoop; Claes Paulus Alexander Ghislain, fabrikant te Lembeek (notaris Bourdin)
- 27.11.1878, verkoop; Stevens-De Wael Paul Carolus Gaspard, papierfabrikant te Lembeek (notaris Eloy).
In 1891 werden beide molengebouwen beschreven als stoompapierfabriek. Rond 1900 stond hij bekend onder de benaming Papeterie De Ruysscher. De vervallen gebouwen werden na 1994 gesloopt.
Literatuur
Archieven
Arenbergarchief Edingen, Halle M / 122, Karton 53 / 9 (vernieuwing sluisdeuren, 1751)
Werken
G. Renson, "Molens te Halle", Eigen Schoon en de Brabander, 1980, p. 311-323.
L. Everaert & J. Bouchery, Geschiedenis der oude vrijheid Lembeek, Antwerpen.
Herman Holemans, "Kadastergegevens: 1835-1985. Brabantse wind- en watermolens. Deel 2: arrondissement Halle-Vilvoorde (A-L)", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem", 1991.
M.A. Duwaerts e.a., "De molens in Brabant", Brussel, Dienst voor Geschiedkundige en Folkloristische Opzoekingen van de Provincie Brabant, 1961.